Verdwijntruc

Mijn ouders onderhielden een keurige relatie met hun buren: een vriendelijk gesprek over de heg, een praatje in de winkel, en tweemaal per jaar een beleefdheidsbezoekje.
De komst van onze linkerburen werd met enige vrees tegemoet gezien. De buurvrouw was een aardig mens, maar buurman een professor in de Graslandkunde. Hij kon over niets anders praten dan gras.

Mijn ouders probeerden tijdens het linkerburenbezoek zeer angstvallig het woord gras te vermijden. Het hielp niet, soms waren het andere woorden die als katalysator werkten, zoals het weer.
> Over het weer gesproken, weten jullie dat in sommige landen gras ‘s winters langzaam doorgroeit?
Als buurman eenmaal zijn graspaardje bereed was hij niet meer te stuiten. Graszaadteelt, Amerikaans raaigras, verticuteren, grasziektes, grasparkieten, sportgras. Over elk onderwerp kon hij urenlang uitweiden.
Zo tegen een uur of 11 kreeg de buurvrouw er genoeg van.
> Ik ga vast naar huis hoor, kom je zo ook?
> Is goed schat, nog even vertellen over het Japanse Graskevertje.
“Even” was een eufemisme voor een uurtje of twee.
Om 12 uur was mijn moeder het zat.
> Ik ga even kijken of de jongste al slaapt.

En zo kon het voorkomen dat ik alleen overbleef met mijn vader en buurman, orerend over het onderhouden van Engelse gazons.
> Zeg Mosje, weet jij dat als gras slecht verzorgd wordt, het verdrongen wordt door mosjes?
Buurman had een bijzonder gevoel voor humor.
> Buurman, ik weet het niet zeker, maar ik geloof dat er een mol actief is in uw grasveld.
Vijf minuten later zag ik, turend door mijn slaapkamerraam, buurman met een zaklantaarn zijn gazon afspeuren.
Het vermogen om mensen af te poeieren heb ik niet van mijn ouders.

volgende
vorige

Over MOSje.iS

MOSje.iS van alles wat en zelfs dat niet helemaal

One Reply to “Verdwijntruc”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*